Een selectie uit de nieuwsberichten van afgelopen weken:
Marktconforme rente geen vrijbrief voor aftrek bij kunstmatige constructie
Een bv leent geld van een Belgische groepsvennootschap om een belang in een andere vennootschap te verwerven. De rente is marktconform, maar de inspecteur weigert de aftrek op grond van het antiwinstdrainage-artikel in de vpb. De bv stelt dat een lening tegen zakelijke voorwaarden per definitie geen kunstmatige constructie is. Het gerechtshof oordeelt dat belastingbesparing de doorslaggevende reden is voor de financieringsstructuur. Houdt de renteaftrekbeperking stand bij de Hoge Raad? De casusEen Nederlandse bv verwerft een belang in een andere vennootschap. De financiering loopt via een in België gevestigde groepsvennootschap met de status van coördinatiecentrum. Deze Belgische vennootschap verstrekt leningen aan de bv. De rente op deze leningen voldoet aan het arm's length-beginsel. De voorwaarden zijn marktconform. De inspecteur past het antiwinstdrainage-artikel (artikel 10a vpb) toe en weigert de renteaftrek volledig. Volgens de inspecteur maakt de lening deel uit van een kunstmatige constructie, waarbij eigen vermogen van de groep wordt omgezet in vreemd vermogen bij de Nederlandse bv. Het geschilDe bv beroept zich op het Lexel-arrest van het Hof van Justitie. Volgens dat arrest is een lening tegen marktconforme voorwaarden geen kunstmatige constructie. De bv stelt dat de renteaftrekbeperking in strijd is met de Europese vrijheid van vestiging. Het gerechtshof oordeelt dat belastingbesparing de doorslaggevende reden is voor het omleiden van geldstromen via het Belgische coördinatiecentrum. De Belgische vennootschap functioneert als doorgeefluik en vervult geen echte financiële functie bij deze specifieke transactie. De Hoge Raad stelt hierover prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie. Het oordeelHet Hof van Justitie oordeelt dat artikel 10a niet in strijd is met EU-recht. Een marktconforme rente betekent niet automatisch dat er geen sprake is van een kunstmatige constructie. Doorslaggevend is of fiscale motieven de reden vormen voor het aangaan van de lening. De Hoge Raad volgt dit oordeel. Het feit dat de leningsvoorwaarden at arm's length zijn, sluit niet uit dat de lening elke economische rechtvaardiging ontbeert. In dit geval dient de omleiding via België uitsluitend om belasting te besparen. De volledige weigering van renteaftrek is evenredig, omdat de Belastingdienst een kunstmatige constructie volledig mag negeren. Bron: Hoge Raad | jurisprudentie | ECLI:NL:HR:2026:60 | 16-01-2026 |